woensdag 24 juni 2015

Ik drink te weinig

Ik drink geregeld te weinig water. Vaak ontdek ik aan het einde van de dag dat ik een enorm vochttekort heb. Dan drink ik nog een glas water weg. Maar dat is natuurlijk niet genoeg. Mijn lichaam heeft veel meer vocht nodig om de dag door te komen. Het is ook erg ongezond om zo weinig te drinken. Je kunt er nierstenen van krijgen (heb ik al een keer gehad en dat is geen pretje), afvalstoffen hopen zich op  (zal bij mij ook zo zijn) en je wordt er sloom van (dat gebeurt mij wel geregeld).  Ik ben te lui om naar de kraan te lopen en te drinken en ik heb een hekel aan die gewone flesjes die je telkens moet bijvullen. Na twee dagen zitten die vol bacteriĆ«n. En bronwater weiger ik te drinken. Dat is bedacht door mensen die rijk willen worden.

 
De oplossing? De Dopper. Ik kreeg er een voor Vaderdag, met de boodschap dat ik elke dag 4 flesjes moet leegdrinken. Het grote voordeel is dat je hem zo uit elkaar kan schroeven in het handigste huishoudapparaat, de afwasmachine kan doen. En het werkt tot nu toe. Ik drink elke dag 2 liter water. Vanaf nu ben ik vast erg vitaal.

Water doet me denken aan de Geest van God. Ik moet genoeg van de Geest van God tot me nemen. Dat kan op veel manieren. Maar het makkelijkste is om het geregeld te doen. Dan leef ik niet zonder God en merk ik niet dat ik aan het eind van de dag een groot Godtekort heb.

Het is zomertijd. Daarom is dit voorlopig de laatste blog. Tot september.

woensdag 17 juni 2015

Gelukkig maken die telefoontjes niet zo'n herrie meer

Dertien jaar geleden werd onze oudste dochter geboren. Toen ze ongeveer een jaar oud was begon ze te spelen met speelgoed telefoontjes en ander materiaal waarin een batterijtje zat. Het meest opvallende was de enorme herrie die al die dingen maakte. Alsof fabrikanten hun best hadden gedaan om iets te maken wat hele veel lawaai kon maken. Ik heb heel wat batterijtjes verwijderd en daarna tegen mijn dochter gezegd: ‘he, wat vervelend, hij is kapot denk ik. Nee, dat kan ik niet maken.’

Onze jongste is nu een jaar. Ook hij heeft heel wat speelgoed dat geluid kan maken. Maar wat een verschil met dertien jaar geleden. Op de meeste apparaten zitten een klein volumeknopje waarmee je ze zachter en harder kan zetten. En zelfs het hardste geluid schettert niet dwars door de kamer. Het zou natuurlijk kunnen dat mijn oren achteruit zijn gegaan, maar ik denk dat de fabrikanten hun product hebben aangepast.

Hoe zou het voor God zijn geweest toen hij de wereld had gemaakt? De saaie doodsheid was voorbij. Overal waren dierengeluiden, gelach van mensen en het ruisen van de wind door de bomen te horen. Zou God wel eens gedacht hebben: ‘ik wou dat het geluid wat zachter gezet kon worden?’ Ik denk dat hij God is en daarom alleen maar geniet van alles wat leeft, beweegt en geluid maakt. Nooit zal hij zomaar de batterijen eruit halen. Hij is God.

woensdag 10 juni 2015

Ik ben een tomaat

Al jaren probeer ik cherry tomaatjes te kweken. Ik begin meestal in februari met het zaaien van de plantjes. Dat doe ik in huis, achter glas. Binnen een paar dagen zijn de zaadjes ontkiemt en ontstaan er planten. Half mei (officieel na de ijsheiligen) gaan de planten naar buiten. Meestal komen ze in potten terecht. Ik zet ze lekker diep, want tomaten gaan dan extra wortels maken. Daardoor groeien ze harder en maken ze meer tomaatjes. Na nog een paar maanden van opbinden, dieven (de extra aangroei waar de bladeren aan de steel zitten weghalen) en het weghalen van het teveel aan bloemen, zijn daar de eerste tomaatjes. Met geen gekochte tomaat te vergelijken. Die groeien in kassen en krijgen op een andere manier zonlicht. Deze hebben lang in de volle zon gestaan en daardoor zijn ze heerlijk zoet geworden.
God is de zon van ons leven. Wij moeten zorgen dat we in zijn aanwezigheid zijn. Niet even, want dan lijken we op tomaten uit de kas. Best lekker, maar niet die diepe, warme smaak van gerijpt in de zon. We moeten Gods aanwezigheid voortdurend zoeken. Hij is de zon van ons leven. Een van de manieren waarop wij dat kunnen doen is door ons leven zo in te vullen als God het bedoelt heeft. De bijbel zegt letterlijk dat dat te maken heeft met zoetheid. ‘Hoe zoet zijn uw woorden voor mijn gehemelte, zoeter dan honing (of tomaat) voor mijn mond’.

donderdag 4 juni 2015

En toen was hij er

Al wekenlang is het net niet echt zomerweer. Dan weer een beetje nat, dan weer een waterig zonnetje. Niet dat het met bakken uit de lucht kwam, maar het was van dat net niks weer. Terwijl het ondertussen al juni is en je hoopt dat je kinderen alle dagen met hun korte broek naar school kunnen en hele weken lang geen jas hoeven aan te trekken (en ook niet uit te gooien in de gang waar iedereen er over struikelt.). Die zon geeft mij altijd zin in het leven. Lastige dingen lijken weg te branden, want de zon schijnt. Het leven lacht me toe. En toen was hij er. Vanaf vanmorgen vroeg scheen hij al heerlijk.
Niet voor niets wordt de zon verbonden met God. Soms lijkt het ver weg en niet te schijnen over je leven. Dan is het lastig om hem echt te voelen en te ervaren. Het leven is grauw, de problemen stapelen zich op en de dagen rijgen zich aaneen. Wekenlang is het niet echt leuk leven. Maar dan plotseling weet je het weer zeker. God bestaat, Hij houdt van me. Lastige dingen lijken weg te branden, want God  schijnt. Het leven lacht me toe. En toen was hij er. Zie ik de zon, dan voel ik iets van God.

woensdag 27 mei 2015

En toch gaat het weer groeien


Vorig jaar had ik twee potten lavendel voor de deur staan. De hele zomer bloeiden ze en groeiden ze verder. Als ik de deur uitging en de zon scheen, dan rook ik gelijk de lekkere zoete geur van bloeiende lavendel. Ik waande me in Frankrijk. Toen het herfst werd snoeide ik ze. Maar ik was eigenlijk veel te enthousiast. Vlak boven de grond knipte ik ze af. Toen het weer voorjaar werd gebeurde er niets. Ze begonnen niet opnieuw uit te lopen. Op een dag wilde ik ze wegggooien. Ik trok ze uit de pot om in de container te doen.. En op dat moment zag ik hele kleine groene stukjes aan de grijzige stompjes van vorig jaar. Bijna niet te zien, maar er gebeurde toch wat. Ik was te snel geweest. Ze kwamen weer terug in de pot, wat mest erbij en nu zijn de nieuwe loten al goed zichtbaar.

Ik zie er iets in van God. Hij heeft alleen iets meer geduld en zal ons niet zo snel weggooien. Als je leven afgesneden lijkt of veel te rigoureus gesnoeid is, dan wordt je niet weggegooid. Eindeloos blijft God kijken of er niet iets nieuws komt. Hij geeft water, doet er wat mest bij. En ja, door Gods goede zorgen krijgt je leven weer kleur.

donderdag 21 mei 2015

Schaken vinden ze leuk

Mijn oudste zonen vinden schaken leuk. Ze kregen er vooral plezier in door het schoolschaaktoernooi. Dat was heel stoer, want ze schaakten tegen andere scholen. Ze gingen zelfs naar Rotterdam om daar een hele zaterdag de stukken over het bord te laten gaan. Ze leerden allerlei zetten en opstellingen en handige openingen die ze dan op mij uitprobeerden. Ik kom niet veel verder dan dat ik weet hoe de stukken gezet moeten worden. Dus ik ben een gewillig slachtoffer van al hun slimme zetten en trucjes. Een ding vergeten ze weleens. Dat is dat ze alleen nog maar oog hebben voor hun eigen zetten. Ze vergeten goed te kijken wat ik doe. Dan kan ik soms toch nog van ze winnen. Een van de twee wint: zwart of wit.

Het leven heeft iets van een schaakspel. Niet mijn alledaagse leven. Dat draait niet zo sterk om winnen of verliezen. Maar naast mijn gewone leven gaat het in de wereld om goed en kwaad en vooral de vraag wat of wie er uiteindelijk zal winnen. Een van de twee zal winnen: goed of fout. Vaak lijkt het alsof het kwaad uiteindelijk zal winnen en dat de goede koning schaakmat gezet zal worden. Toch is dat maar schijn. Want uiteindelijk beheerst God het spel beter dan het kwaad. De goede koning zal winnen. God blijft vooruit kijken om het kwaad voor te zijn. 

woensdag 13 mei 2015

Leuk: mensen trouwen


Een van de leukste dingen van het werk van een dominee is de inzegening van een huwelijk. Een huwelijk wordt gesloten in het stadhuis, maar daarna komen stellen een zegen over hun huwelijk vragen (in deze streken door oudere generaties vaak ‘overtrouwen’ genoemd). Het zijn gezellige kerkdiensten. Iedereen is blij. Wat er ook mis gaat tijdens de diens, niemand stoort zich eraan. En het is altijd leuk om het bruidspaar te bekijken. Stiekem hoop ik natuurlijk dat er wel even gehuild wordt in de dienst. Mensen willen God danken voor hun huwelijk en tegelijk vragen of God met hen mee gaat op de reis die voor hen ligt. Deze week bof ik. Ik mag in totaal drie huwelijken inzegenen.

Voor mij is het huwelijk iets van God. Mensen denken vanuit zichzelf vooral aan wat iets oplevert. Denken aan wat ze er mee opschieten. Liefde en het eruit voortkomende huwelijk gaat allereerst uit van wat je de ander kan geven. Daarin laat getrouwd zijn iets zien van God. Want Gods eerste gedachte is ook niet wat het hem oplevert. Hij wil alleen maar geven. Daarom wordt God ook liefde genoemd. Niet alle liefde is God, maar God is wel liefde. Gods liefde vergeet zichzelf en richt zich op mensen. Als twee mensen trouwen, zie ik iets van God daarin.