donderdag 13 oktober 2016

Slaap lekker

Ik vind het prachtig om naar onze slapende kinderen te kijken. Niet alleen omdat ze dan rustig zijn en omdat je dan niet voortdurend ‘papa!’ hoort. Dat natuurlijk ook, maar er is meer. Ze liggen er zo ontspannen bij. Op dat moment zijn ze volledig zichzelf. Alles aan de buitenkant is in rust. Ze kunnen niets op dat moment, behalve ontvangen. Af ent toe draaien ze zich om, maar verder is rust en stilte. Het mooiste vind ik als ze op hun rug liggen en zich onbewust van hun omgeving overgeven aan de slaap.
Onze slaap is in de bijbel een beeld van wat we van God krijgen. Met heel hard werken leef je niet langer, krijg je niet meer geluk en je gezondheid wordt er niet beter van. Al dat soort dingen krijg je van God. Wat heb je eraan om je af te beulen? Onze slaap is de plek waar we van God krijgen. In de bijbel slaapt Adam als hij Eva krijgt om zijn leven mee te delen. Adam doet zelf niets, behalve verlangen naar liefde en gezelschap. God vult zijn verlangen terwijl hij slaapt.

Onze slaap is in de bijbel niet alleen de plek voor onze kwetsbaarheid. Het is ook de plek om te ontvangen. Slaap lekker! 

donderdag 6 oktober 2016

Ik val in slaap

Ik lig soms op de bank en kan dan plotseling in slaap vallen. Ik houd mijzelf voor de gek dat ik slechts even mijn ogen dicht doe, maar natuurlijk niet echt slaap. Met dat ik dat gedacht heb, ben ik al ver weg. Ik schijn dan zelfs te snurken, maar dat zeggen ze natuurlijk alleen om me voor de gek te houden. Slapen is natuurlijk niet zo handig als ik tegelijkertijd op onze jonge kinderen moet letten. Dat levert mij geregeld het verwijt op van sufheid. Ik kan niet vechten tegen mijn dichtvallende ogen. Het lukt me niet om de wakkere vader te zijn die zijn kinderen voor elk mogelijke gevaar behoedt.

Tegenover mijn slaperigheid staat God, die zelfs niet sluimert. Die kan je beter beschermen voor allerlei vormen van gevaar dan dat mensen zouden kunnen. Slaap is niets voor de enige ware God. Daarom hoef je ook niet bang te zijn zegt de bijbel. Er is een psalm die over het waken van God gaat. Want waar je ook heen moet, God blijft wel wakker. In deze reispsalm wordt dat op vier verschillende manieren onder woorden gebracht. Je zou nog kunnen vergeten dat God echt wakker is. En wie op reis is, die weet hoe belangrijk het is om alert te zijn en niet in slaap te sukkelen achter het stuur. Ik geloof in een wakkere God, zodat ik lekker kan slapen. 

donderdag 29 september 2016

Hij blijft maar vragen

Ik ben er soms zat van. Hij blijft maar hetzelfde vragen. Zo heeft hij vanmorgen wel tien keer gevraagd: ‘Eten we vanavond?’ De eerste twee of drie keer geef ik vriendelijk antwoord. Maar daarna wordt elk antwoord steeds meer een grom. Ik probeer het nog een keer: ‘Dat heb je al een paar keer gevraagd. Dat weet je wel.’ Die reactie laat hij even bezinken om vlak daarna weer te vragen naar de inhoud van het voedermoment aan het begin van de avond. En dat is niet het enige waar hij vaak om vraagt. Net zo goed gaat het om de vraag ‘Waar is mama?’ Om het nog maar niet te hebben over zijn gebedel om koekjes (daar kan hij in een half uur wel twintig keer om vragen) of zijn gejengel om een ijsje bij de Hema als we daar in de buurt zijn (oké, dat is ook mijn eigen schuld. Die ijsjes zijn te lekker). Het is leuk als je ruim twee jaar bent en kan praten. Maar soms…

Zou God mijn vragen ook wel eens net zo zat zijn? Dat Hij denkt: ‘Dat heb je al zo vaak gevraagd. Nu is het wel een keertje klaar.’ Of zou de schepper van hemel en aarde gewoon wat meer geduld hebben dan ik? Dat zou zomaar kunnen. 

Ik ga het wel weer proberen vandaag. We eten vanavond vegetarische lasagne. 

donderdag 22 september 2016

Lekker geslapen!

Meestal wordt één na jongste zoon uit zichzelf wakker. Geregeld op een tijdstip dat hij van ons nog wel even door had mogen slapen. Maar een enkele keer moeten wij hem wakker maken. Meestal ’s middags, omdat hij dan niet te lang moet slapen. Want dan komt hij ’s avonds niet zo makkelijk in dromenland. We moeten hem voorzichtig wakker maken. Anders is hij  daarna niet te genieten. Op de één of andere manier moet hij het idee hebben dat hij toch zelf wakker is geworden. Dat gaat het beste als je het gordijn open schuift. Daarna heb je de gelegenheid om te zien hoe hij ontwaakt. Hij wrijft eens in zijn oogjes, draait zijn hoofd opzij, lacht en zegt: ‘lekker geslapen. Nu drinken.’ In een oogwenk is de slaap verdwenen en staat hij weer ‘aan’ en kan er flink tegenaan.
De bijbel gebruikt het beeld van de snelheid waarmee slaap verdwijnt om aan te geven hoe kwetsbaar mensen zijn. Je lijkt heel wat, maar er hoeft maar iets te gebeuren en dan blijkt het leven zomaar in de gevarenzone te zitten. In een oogwenk is dat gezonde en sterke gevoel weg en ben je overgeleverd aan artsen en medicijnen. Zo snel als de slaap verdwenen is, zo snel zijn wij weg. 

De bijbel vertelt dat God gelukkig eeuwig is en dat hij niet kwetsbaar is als wij mensen.

donderdag 15 september 2016

Op het strand

Het was misschien wel de laatste dag dat het kon en er was een studiedag van de basisschool. De juffen hadden een studiedag, om het precies te zeggen. Dus de kinderen mochten thuisblijven. En daarom gingen wij dus naar het strand.

Ik ben een groot liefhebber van het strand. Dat komt ongetwijfeld door mijn jeugd waarin ik weken lang op het strand zat, in het water zwom en zandkastelen bouwde. Nog steeds geeft het me een gevoel van vrijheid als ik de laatste duinenrij over ben en al dat water zie. En dan de geur van zout en zand. Zodra ik dat ruik, vergeet ik het gewone leven en ontspan. Die zee is ook zo groot. Ik word klein en dat geeft rust.
Dat ervaart ook een na jongste zoon. Voorzichtig doet hij wat stapjes het water in. Dan kijkt hij over het water en zucht eens diep. Nee, zo ver kan hij nog niet lopen. Hij blijft staan. Als hij een stapje opzij doet, dan valt hij. Die zee is ook wel een beetje eng en zo vreselijk groot.

Als de Bijbel wil uitleggen hoe geweldig groot God is, dan gebeurt dat vaak door te vertellen over de zee die God heeft gemaakt. De grootheid van de zee, de diepte van het water, het weerspiegelt Gods grootheid. Ik ontspan. 

donderdag 8 september 2016

De tomatenoogst van dit jaar

Al jaren probeer ik elke zomer kleine tomaatjes te kweken. In maart zaai ik de plantjes. Op een gegeven moment moeten ze naar buiten en dan is het afwachten wat de oogst zal zijn. Meestal oogst ik tot in oktober wel vruchten. Hoeveel er door mij geplukt kan worden kan ik eigenlijk nooit goed voorspellen. Er zijn jaren geweest dat ik elke dag handenvol eraf haalde en dat de kinderen elke dag zich vol aten aan tomaten. Soms viel het ook tegen, dan had ik slechter zaad uitgekozen en waren de planten niet zo goed. Soms kwam het door mijzelf dat de oogst tegenviel. Dan vergat ik op tijd te snoeien of te dieven zoals dat bij tomatenplantjes heet. Maar de laatste jaren ben ik daar heel trouw in. Want anders valt er niets te plukken. Ik kan de omstandigheden zo maken dat er in ieder geval iets kan groeien.
Dit jaar is de oogst goed. De foto is van slechts een dag en gisteren waren het er net zoveel.

Het is een mooi beeld van geloven. Ik heb er zelf invloed op of het bloeit en groeit of niet. Ik moet het bijhouden en zorgen dat er soms wat wordt gesnoeid. Dan kan mijn geloof zo groeien dat er geoogst kan worden.

woensdag 31 augustus 2016

Het water van de Ubaye

Dit jaar was ik op vakantie aan de rivier de Ubaye in Zuid Frankrijk. Een van de weinige rivieren waar de waterstand op geen enkele manier te regelen is. Het valt gewoon met alle kracht naar beneden. Heeft het flink geregend, dan zie je dat direct terug in de waterstand. Allerlei kleine beekjes monden uit in deze rivier en maken de stroom steeds krachtiger en sterker. En aan de manier waarop de oevers uitgesleten zijn kan je zien met welke kracht zand en steen worden vervoerd door het water van de rivier. Daarom kan je heerlijk raften op die rivier. Wat een kracht heeft het water! Af en toe vlogen er mensen overboord omdat we door de kracht van het water  onverwacht bewogen. En als je in het water lag, voelde je direct hoe je werd meegezogen door het water. Ik hoopte nog even: ik ga nog een keer alleen met een kayak de rivier af. Maar dat was te link. Het water is te sterk. Daar kan ik niet tegenop. Het water is overstelpend.

De bijbel heeft hetzelfde beeld. Bij God vandaan gaat een rivier stromen. Die rivier brengt overal leven. Het water wordt steeds sterker. Niet omdat er steeds nieuwe stroompjes bijkomen, maar omdat Gods liefde steeds sterker wordt als je er een keer in staat. Ik dompel me onder in Gods liefde. Die is overstelpend.